Scheikunde

1. De vorming van een zout

Gegeven door:
Suzanne van de Voort
Beschrijving Begrippen Examenvragen

In deze video met uitleg voor scheikunde gaan we het hebben over hoe een zout precies gevormd wordt. Belangrijke begrippen die naar voren komen zijn onder andere elektronen en ionen.

Atoom

Een eenheid die de de kleinste bouwsteen van de moleculen vormt.

Chloor (Cl)

Een scheikundig element dat geproduceerd wordt door chloorzouten te elektrolyseren. In vrije vorm is het een groen-geel gas.

Elektron

Een zeer klein, negatief geladen deeltje om een atoom.

Ion

Een geladen atoom, positief (te weinig elektronen) of negatief (teveel elektronen).

Natrium (Na)

Een chemisch element dat voornamelijk in zout voorkomt.

Zouten

Verbindingen die zijn opgebouwd uit positieve en negatieve ionen.

Lading

Staat gelijk aan het aantal protonen in de kern

Ongeladen atoom

Aantal protonen = aantal elektronen

Neutron

Een neutraal geladen (geen lading) subatomair deeltje met een gewicht van 1u

Potron

Een positief geladen (+1) subatomair deeltje met een gewicht van 1u

Proton

Een positief geladen (+1) subatomair deeltje met een gewicht van 1u

Momenteel zijn er nog geen examenvragen voor deze video.
A1: Basis stoffen en materialen

A2: Zouten