Scheikunde

3. Molariteit van oplossingen

Gegeven door:
Suzanne van de Voort
Beschrijving Begrippen Examenvragen

We hebben in de vorige kennisclip geleerd dat elke zoutoplossing bestaat uit losse ionen. In deze video met uitleg voor scheikunde gaan we het hebben over de molariteit van oplossingen. Gebruik deze informatie om je goed voor te bereiden op toetsen, SE's en/of het eindexamen!

Base

Een verbinding die in contact met een andere verbinding een waterstof ion (H+) kan binden.

Basische oplossing

Een stof waarbij de pH-waarde hoger is dan 7.

Ion

Een geladen atoom, positief (te weinig elektronen) of negatief (teveel elektronen).

Molariteit

De concentratie van een verbinding in een oplossing, uitgedrukt in mol per liter.

Natrium (Na)

Een chemisch element dat voornamelijk in zout voorkomt.

Oplosbaarheid

De mate waarin een zout in water oplost.

pH

De zuurgraad van een oplossing.

Sulfaat

Een verbinding die bestaat uit het zout van zwavelzuur.

Zouten

Verbindingen die zijn opgebouwd uit positieve en negatieve ionen.

Elektron

Een zeer klein, negatief geladen deeltje om een atoom.

Momenteel zijn er nog geen examenvragen voor deze video.
A1. Basis stoffen en materialen

A2. Zouten