Geschiedenis

6. Multiculturalisme en polarisatie in de Nederlandse maatschappij vanaf 2000.

Gegeven door:
Rick Ouwehand
Beschrijving Begrippen Examenvragen

We gaan in deze video met uitleg voor geschiedenis drie onderwerpen behandelen. Het eerste deel van de video gaat over het Verdrag van Schengen, dat bijdroeg aan migratie binnen Europa. Daarna gaan we het hebben over de toenemende polarisatie binnen Nederland vanaf het jaar 2000. Het derde en laatste deel van de video gaat over de economische crisis van 2008.

Integratie

Integratie is het socialisatieproces van acculturatie waarbij leden van een niet-dominante groep zich mengen met de dominante groep, maar daarnaast contact onderhouden met de andere leden van de eigen groep

Multiculturalisme

Het streven naar een maatschappij waarin verschillende culturen gelijkwaardig naast elkaar bestaan

Polarisatie

Er treedt polarisatie op als er een kloof ontstaat in de maatschappij. Mensen komen vanwege verschillende ideeën en opvattingen tegenover elkaar te staan

Stereotypen

Een algemeen karakter van een groep mensen dat niet helemaal met de werkelijkheid overeenkomt

Verdrag van Schengen

Een verdrag tussen een aantal Europese landen om het vrije verkeer van mensen mogelijk te maken

Twee gegevens over taalonderwijs aan kinderen van migranten in Nederland:

1. In 1983 werd het door de Wet Onderwijs in Eigen Taal en Cultuur (OETC) mogelijk voor kinderen van migranten om binnen lestijd op school les te krijgen in hun moedertaal.

2. In 2004 beëindigde de overheid de bekostiging van lessen in de moedertaal volledig.


Bewering:

Elk gegeven is te verklaren vanuit een andere visie op de multiculturele samenleving.

Onderbouw de bewering voor elk gegeven.

D.1 Nederland na de Tweede Wereldoorlog

D.2 Nederland na het jaar 1980

D.3 Nederland vanaf het jaar 2000

Samenvatting voor geschiedenis - Multiculturalisme en polarisatie in de Nederlandse maatschappij vanaf 2000


Verdrag van Schengen

Het Verdrag van Schengen maakte vrij verkeer van mensen binnen Europa mogelijk vanaf het midden van de jaren 1980. Europese landen die meededen aan het Verdrag van Schengen maakten het dus mogelijk voor mensen om zonder grenscontroles te kunnen reizen binnen Europa. Het verdrag bevorderde de internationale oriëntering van Europese burgers. Dit wil zeggen dat Europese burgers gestimuleerd werden om naar het buitenland te gaan.


Een voorbeeld hiervan is de toenemende stroom van studenten die voor een bepaalde periode in het buitenland gingen studeren. Maar ook het internationale werkverkeer kwam opgang. Mensen uit Oost-Europa en Midden-Europa kwamen naar West-Europese landen om hier te werken voor een beter loon.


Multiculturele samenleving

Door conflicten en humanitaire crises in de wereld liep de instroom van asielzoekers soms sterk op in Europa. Een groot aantal van de asielzoekers kwamen uit het Midden-Oosten en Afrika. Wanneer de asielzoekers aan kwamen in Europa konden ze door het verdrag van Schengen vrij door de Europese lidstaten reizen. Dit was voordelig voor de asielzoekers, maar er ontstonden door de toename van asielzoekers ook meningsverschillen over het idee van de multiculturele samenleving.


In Nederland werd het idee van de multiculturele samenleving echter ondersteund door de politiek. Verschillende kabinetten en vrijwel alle politieke partijen stonden achter de multiculturele samenleving. Dit zou echter veranderen aan het einde van de jaren 1990. En dat brengt ons bij het tweede deel van deze uitleg. 


Toenemende polarisatie in Nederland

Het tweede deel van de uitleg gaat over de toenemende polarisatie binnen Nederland rond het jaar 2000. Polarisatie houdt in dat er een kloof ontstaat in de maatschappij. Mensen voelen zich niet meer verbonden met elkaar of met de politiek. Nederland kende rond het jaar 2000 een periode van economische groei. Maar niet iedereen profiteerde van de economische groei, en de politiek kreeg hier de schuld van. Mensen ervoeren een kloof tussen burgers en politiek, omdat de politiek volgens hen niet voor het ‘gewone Nederlandse’ volk opkwam.


Verzet tegen Europese samenwerking en tegen het multiculturalisme kwam hieruit voort. De polarisatie uitte zich ook in het publieke debat. Er ontstonden namelijk heftige debatten over migratie en de rol van de islam in een open samenleving. De terreuraanslagen van 11 september 2001 en de moord op de politicus Pim Fortuyn in 2002 joegen angst aan en vergrootten de tegenstellingen binnen de Nederlandse samenleving. 


Integratie

Mede door de terreuraanslagen aan het begin van de jaren 2000 werd het idee van de multiculturele samenleving ter discussie gesteld. Volgens steeds meer mensen was het niet mogelijk om met allemaal verschillende culturen samen te leven, omdat de verschillende culturen ook fundamenteel verschillende opvattingen en denkbeelden met zich mee brachten. Om dit probleem op te lossen kwam de Nederlandse overheid in 2002 met een nieuw beleid. Het multiculturalisme werd vervangen door een beleid dat gericht was op integratie of assimilatie van groepen migranten. Dit hield in dat de migranten in plaats van hun eigen cultuur te behouden zich moesten aanpassen aan de geldende normen en waarden van de Nederlandse cultuur.


Europese samenwerking

Buiten de discussie over het multiculturalisme kwam er ook een discussie opgang met betrekking tot de Europese samenwerking. Volgens een deel van de Nederlanders profiteerde de Nederlandse maatschappij niet genoeg van de Europese samenwerking. Toch waren de politici over het algemeen pro Europese samenwerking.


De twee belangrijkste reden hiervoor waren ten eerste dat Nederland door de Europese samenwerking en de handel die daarmee samenging extra geld binnen kreeg. Dus de Europese samenwerking was goed voor de Nederlandse economie. En ten tweede was de Europese samenwerking belangrijk om effectiever op te kunnen treden tegenover internationale problemen. Toch begonnen steeds meer mensen zich af te vragen of de Europese samenwerking wel goed was voor het Nederlandse volk. De voordelen waar de Nederlandse politici het namelijk over hadden, zagen veel Nederlanders niet terugkomen in hun dagelijkse leven. Euro-critici waren bang dat Nederland haar macht weg gaf aan de Europese-Unie en te veel geld afstond aan de Europese-Unie zonder daar genoeg voor terug te krijgen. 


De multiculturele samenleving en de uitbreiding van de macht van de Europese-Unie werd door een deel van de Nederlanders gezien als een beperking van Nederlandse identiteit. Volgens hen moest de Nederlandse identiteit behouden blijven. Wat de Nederlandse identiteit precies is, is natuurlijk lastig te zeggen en is voornamelijk gebaseerd op stereotypen. Bepaalde stereotypen zijn bijvoorbeeld dat een Nederlander op vakantie gaat naar de camping en een nuchter karakter heeft. Mensen die buiten de stereotypen vallen zouden geen echte Nederlanders zijn. Het streven om de Nederlandse identiteit te behouden is nationalistisch. Aan het begin van de jaren 2000 was er daarom ook sprake van een herlevend nationalisme in Nederland. 


Economische crisis in 2008

De nieuwe economische crisis, die in 2008 uitbrak, toonde opnieuw de tegenstelling die in de samenleving ontstaan waren. Door de economische crisis van 2008 raakten veel mensen hun baan kwijt, terwijl een ander deel van de bevolking juist rijker werd. De ongelijkheid binnen de samenleving werd groter en het gevoel dat de politiek het volk niet vertegenwoordigde steeg, waardoor de politiek nog steeds vervreemd leek van het volk. Om toch positief af te sluiten, Nederland behoorde in het eerste decennium van de 21e eeuw nog wel tot de welvarendste, gelukkigste en meest gelijkwaardige landen van de wereld. 


Dit is het einde van de samenvatting. In het eerste gedeelte heb je geleerd wat het Verdrag van Schengen inhield en waarom dit Verdrag migratie binnen Europa stimuleerde. In het tweede deel heb je geleerd wat polarisatie is en waarom er polarisatie ontstond in Nederland. Daarnaast heb je ook geleerd dat er kritiek en verzet vanuit een deel van het Nederlandse volk kwam op de multiculturele samenleving en op de Europese samenwerking. Tenslotte heb je in het laatste deel geleerd dat de economische crisis van 2008 tegenstellingen die ontstaan waren in de Nederlandse maatschappij opnieuw blootlegde. 

Veel succes met de tentamens!