Nederlands

5. Verbanden en signaalwoorden

Gegeven door:
Laura den Boer
Beschrijving Begrippen Examenvragen

Verbanden en signaalwoorden spelen een grote rol bij het tekstverklaren op jouw Nederlands examen. Leer er daarom meer over in dit filmpje.

Signaalwoorden voor een tijdsaanduiding

Voordat, vroeger, aanvankelijk, eerst, eerder(e), nadat, daarna, later(e), wanneer, intussen, tegelijkertijd, tijdens

Signaalwoorden voor een opsomming

En, ook, verder, ten eerste, ten tweede (etc.), in de eerste plaats, in de tweede plaats (etc.), daarnaast, bovendien, dan, vervolgens, tenslotte, als laatste, niet alleen.. maar ook, zowel.. als, een ander argument, er is nog een reden waarom

Signaalwoorden voor een tegenstelling

Maar, echter, toch, niettemin, desalniettemin, desondanks, daarentegen, aan de ene kant/aan de andere kant, enerzijds, anderzijds, hoewel, ofschoon, integendeel, daar staat tegenover, behalve als, weliswaar.. maar

Signaalwoorden voor een overeenkomst/vergelijking

Net zoals, hetzelfde als, evenals, evenzeer, overeenkomstig, lijkt op, is vergelijkbaar met

Signaalwoorden voor een toelichting/voorbeeld

Bijvoorbeeld, een voorbeeld, zo, ter illustratie, dat wil zeggen, zoals, onder andere, dat is het geval bij, te denken valt aan, je moet daarbij denken aan

Signaal woorden voor een oorzaak/gevolg

Want, doordat, door, zodat, daardoor, waardoor, dat komt door, te danken aan, te wijten aan, dat heeft alles te maken met, door (dit alles), op grond van, ten gevolge van, als gevolg van, de oorzaak hiervan is

Signaalwoorden voor een doel/middel

Om te, opdat, door middel van, daarmee, met de bedoeling, is erop gericht, met behulp van, daartoe

Signaalwoorden voor een reden/verklaring/argument

Omdat, want, namelijk, daarom, aangezien, op grond van, immers, om die reden

Signaalwoorden voor een voorwaarde

Als, indien, tenzij, mits, aangekomen dat, gesteld dat, stel dat, op voorwaarde dat, behalve wanneer

Signaalwoorden voor een samenvatting/herhaling

Samengevat, kortom, al met al, terugblikkend, zoals gezegd, ofwel/oftewel, anders gezegd, het komt erop neer dat, alles bij elkaar genomen

Signaalwoorden voor een conclusie

Dus, dan ook, aldus, concluderend, daardoor, hieruit volgt, vandaar dat, uit dit alles blijkt

Momenteel zijn er nog geen examenvragen voor deze video.
A1. Tekstverklaren

Nederlands Havo

Tekstverklaren verbanden en signaalwoorden 


De 9 verbanden 

-        Oorzaak (reden

-        Gevolg 

-        Opsomming

-        Doel 

-        Middel

-        Tegenstelling

-        Tijdsaanduiding 

-        Voorbeeld 

-        Voorwaarde

Ezelsbruggetje > Onze (Redelijk) Grijze Opa Drinkt Mijn Thaise Thee Vaak & Veel 


·       Verband 1: Oorzaak (reden) 

Signaalwoorden: 

-        Door(dat)

-        Vanwege 

-        Omdat 

-        Want

-        Immers

-        Wegens

-        Namelijk


Waarom gaan Nederlanders vaak op de fiets? 

-        Omdat Nederlanders vlak bij hun werk wonen

-        Wegens het milieu

-        Immer, Nederland kent veel veilige fietsroutes

-        Want in Nederland is het meestal plat


·       Verband 2: Gevolg 

Signaalwoorden: 

-        Waardoor

-        Zodat

-        Daardoor

-        Daarom

-        Dus

-        Dit leidt tot


Nederlanders wonen vaak vlak bij hun werk...

-        Waardoor ze vaak op de fiets gaan

-        Zodat ze vaak op de fiets gaan

-        Daardoor gaan ze vaak op de fiets

-        Dit leidt er toe dat ze vaak op de fiets gaan


·       Verband 3: Opsomming 

Signaalwoorden: 

-        Ook 

-        En 

-        Verder 

-        Bovendien

-        Daarnaast

-        Tevens

-        Voorts

-        Niet alleen… Maar ook…

-        Zowel…Als… 

-        Enzovoort 

 

·       Verband 4: Doel

Signaalwoorden: 

-        Om…te 

-        Opdat 

-        Daartoe 

-        Voor 

-        Met de bedoeling te


Wat wil je bereiken met het insmeren? 

-        Om me niet te verbranden

-        Opdat ik niet verbrand

-        Met de bedoeling niet te verbranden


·       Verband 5: Middel

Signaalwoorden; 

-        Door te 

-        Door middel van 

-        Met behulp van 

-        Met 

-        Daarmee

-        Op die/deze manier


-        Door middel van zonnebrandcrème 

-        Met behulp van zonnebrandcrème 

-        Op die manier hoef ik niet te verbranden

-        Daarmee hoop ik niet te verbranden 


·       Verband 6: Tegenstelling

Signaalwoorden: 

-        Maar 

-        Daarentegen 

-        Toch 

-        Hoewel… toch… 

-        Desondanks 

-        Echter 


-        Maar je bent wel een beetje rood 

-        Toch is je huid wel een beetje rood 

-        Hoewel je niet wilt verbranden, ben je toch een beetje rood 


·       Verband 7: Tijdsaanduiding

Signaalwoorden: 

-        Sinds 

-        Na 

-        Ondertussen 

-        Toen 


Sinds wanneer smeer je je in?

-        Sinds de zon op is 

-        Nadat de zon op kwam

-        Toen de zon op kwam 

-        Ondertussen is de zon opgekomen, sindsdien smeer ik me in


·       Verband 8: Voorbeeld 

Signaalwoorden: 

-        Zoals…

-        Wat blijkt uit…

-        Bijvoorbeeld 

-        Onder wie 

-        Onder meer


Mijn vrienden zijn wel eens verbrand…:

-        Bijvoorbeeld: Merel

-        Zoals: Karen

-        Onder wie: Bart


·       Verband 9: Voorwaarde 

Signaalwoorden: 

-        Als …dan

-        Tenzij 

-        Mits 


-        Als jij je kamer niet opruimt, dan krijg je huisarrest

-        Tenzij jij je kamer opruimt, krijg je huisarrest 

-        Je krijgt geen huisarrest, mits je je kamer opruimt 


Bekijk ook de andere video’s van Digistudies!