Aardrijkskunde

7. Zeestromen (oceanische circulatie)

Gegeven door:
Henk de Beuker
Beschrijving Begrippen

Hallo! In deze video met uitleg voor aardrijkskunde gaan we het hebben over oceanische circulatie, ofwel zeestromen. Je kunt deze uitlegvideo gebruiken om je goed voor te bereiden op toetsen, SE’s en/of het eindexamen aardrijkskunde.

Circumpolaire stroming

Een zeestroom in de Zuidelijke Oceaan die oostwaarts om het continent Antarctica loopt. Door de stroming kan warm oceaanwater niet in de buurt van het continent komen

Corioliseffect

Het corioliseffect heeft te maken met het draaien van de aarde om haar eigen as. De corioliskracht veroorzaakt een richtingsverandering van de wind

Diepwaterpomp

Het thermohaline circulatie systeem in de oceaan waarbij koud water afzinkt en via de diepte bij de tropische streken aan de oppervlakte komt en weer naar het noorden wordt gezogen

Oceanische circulatie

De verplaatsing van water in de oceanen, wordt o.a. aangedreven door zeestromen en thermohaliene circulatie

Thermohaliene circulatie

Onderdeel van de oceanische circulatie. Het ontstaat door de verschillen in temperatuur van het water, maar ook door het zoutgehalte

Wet van Buys Ballot

Een wet uit de meteorologie die aangeeft welke afwijking luchtstromen krijgen als gevolg van de draaiing van de aarde

Zeestromen

Bewegende (koude of warme) watermassa’s aan het oppervlak van de oceanen, voornamelijk veroorzaakt door de wind

B1. Samenhangen en verschillen op regionaal niveau

Samenvatting voor aardrijkskunde - Zeestromen (oceanische circulatie) 


Wat zijn zeestromen?

Naast de luchtstromen zorgen ook de zeestromen voor verdeling van koelte en warmte over de aarde. We spreken dan dus van oceanische circulatie, of simpelweg de zeestromen die plaatsvinden in de zeeën en oceanen. We kunnen daarbij warme zeestromen en koude zeestromen herkennen. 


Warme en koude zeestromen

De warme zeestromen vervoeren warm water doorgaans weg van de evenaar en de koude zeestromen vervoeren koud water doorgaans richting de evenaar. Dit is natuurlijk logisch, want rond de evenaar is het het warmst, waardoor daar het warme water vandaan komt. Hoe verder zuidelijk of noordelijk we gaan, hoe kouder het wordt, waardoor daar het koude water vandaan komt. 


Wat zorgt voor zeestromen?

Nu is de vraag: waarom gaat dit water stromen? Voor een groot deel komt dat door de wind. En gelukkig weten we ondertussen hoe de windstromen op aarde ongeveer lopen. In de video hierboven zie je een schematische weergave, met de schuine pijlen van de wet van Buys Ballot. In de realiteit loopt het natuurlijk allemaal niet zo overzichtelijk en zijn er veel afwijkingen, maar dit schematische beeld geeft het basisprincipe goed weer. Deze windstromen bepalen dus voor een groot deel de zeestromen. 


Ook zien we (in de video) een soort cirkelvormige zeestroming ontstaan op bepaalde plekken. Boven de 30ste breedtegraad, tussen Noord-Amerika en Afrika, bijvoorbeeld. Vanuit de 30ste breedtegraad waait er een wind naar het noordoosten met warme lucht. Het zeewater aan het oppervlakte wordt meegenomen door de wind. Maar, zoals we weten krijgt het door het corioliseffect een afwijking naar rechts, kijk maar op de schets. Het buigt verder af en komt onder invloed te staan van de passaatwinden naar het zuidwesten van de 30ste naar de evenaar. 


Hierdoor ontstaat er een cirkelvormige zeestroom. In het zuiden gebeurt hetzelfde, alleen dan omgekeerd. Rond de 30ste breedtegraad waait er een wind naar het zuidoosten, waardoor de zee dus naar het oosten gaat stromen. Door het corioliseffect krijgt het deze keer een afwijking naar links. Het buigt verder af en komt later onder invloed te staan van de passaatwind die naar het noordwesten waait van de 30ste naar de evenaar. Op het noordelijk halfrond zien we dus een stroom die rechtsom draait en op het zuidelijk halfrond een stroom die linksom draait. 


Thermohaliene circulatie

Naast de wind wordt de oceanische circulatie ook aangedreven door iets dat we de thermohaliene circulatie. Uit de naam zouden we al een beetje kunnen achterhalen waar dit over gaat. Thermo staat namelijk voor temperatuur en haliene staat voor zout. Het idee van de thermohaliene circulatie is namelijk dat de zeestromingen worden aangedreven door dichtheidsverschillen in het water, wat veroorzaakt wordt door de temperatuur en het zoutgehalte. Daarbij moet je twee dingen goed onthouden: 

  1. Hoe kouder het water, hoe hoger de dichtheid, en dus hoe zwaarder het is. 
  2. Hoe zouter het water, hoe hoger de dichtheid, dus hoe zwaarder het is. 


Hoe werkt thermohaliene circulatie?

Bekijk de video voor een schematische weergave. Rond de evenaar wordt het water opgewarmd. Dit warme water stroomt dan weg van de evenaar, bijvoorbeeld richting de noordpool. Onderweg geeft het warmte af aan de omgeving, waardoor de atmosfeer wordt verwarmd, maar het water zelf afkoelt. Ook is het natuurlijk zo dat een deel van het warme water verdampt. 


Het zout verdampt echter niet mee, en het bevriest ook niet, dus in beide gevallen blijft het zout achter in het zeewater. Daardoor zit er in minder water net zoveel zout, waardoor het achtergebleven water zouter is. Dit betekent dus ook dat het water gaandeweg richting de noordpool steeds kouder en zouter wordt. En we hebben net gezien dat hoe kouder en zouter het water, hoe hoger de dichtheid, en dus hoe zwaarder het wordt. Het koude en zoute water zal daardoor zinken. 


Het gezonken water stroomt dan diep in de oceaan weer naar het zuiden en komt in de Indische en Grote Oceaan weer naar boven. Dit proces noemen we ook wel de diepwaterpomp, omdat het dus diep in het water als een soort pomp werkt door het afgekoelde water weer terug te bewegen. Dit proces kan overigens wel honderden jaren duren. Als het eenmaal boven is gekomen zal de wind weer zijn invloed uitoefenen op de zeestromen. De thermohaliene circulatie, onder invloed van de diepwaterpomp, zorgt dus samen met de windstromen voor de oceanische circulatie. 


Gevolgen van zeestromen voor klimaatgebieden

De zeestromen hebben ook duidelijke gevolgen voor het klimaat van gebieden. We zullen een aantal goede voorbeelden bespreken. 


Golf van Mexico

Vanaf de Golf van Mexico stroomt een warme zeestroom richting de westkust van Europa. Het water geeft veel warmte af aan de omgeving, waardoor deze warme zeestroom ervoor zorgt dat de westkust van Europa veel warmer is dan andere gebieden op dezelfde breedtegraad. Ook de noordpool profiteert van deze warmte. We zien dus dat de zeestromen ervoor zorgen dat er warmte van de evenaar naar het noorden en zuiden wordt verplaatst. Zonder deze zeestromen zou het daarom nog warmer zijn bij de evenaar en kouder richting de polen. 


Antarctica

Een ander interessant gebied is Antarctica, de Zuidpool. Rond Antarctica stroomt er namelijk namelijk een koude zeestroom in een cirkel, wat ook wel de circumpolaire stroming wordt genoemd. Deze koude cirkelvormige stroming houdt warme zeestromingen tegen, waardoor het op de Zuidpool dus veel kouder is dan op de Noordpool. 


Effecten van zeestromen op oost- en westkusten

Tenslotte is het volgende nog interessant om te weten. Zeestromen die van de evenaar afkomstig zijn, brengen warm water met zich mee, warme zeestromen dus, omdat ze daar natuurlijk zijn opgewarmd. Zoals we op de kaart kunnen zien (zie video), stromen deze warme zeestromen vaak langs de oostkust van continenten. 


Warm water verdampt natuurlijk makkelijker, waardoor er langs deze oostkusten ook meer neerslag zal vallen. Aan de westkusten zullen over het algemeen koude zeestromen lopen en daardoor zal er minder neerslag vallen. Wij zijn daar overigens wel een duidelijke uitzondering op natuurlijk; In Nederland hebben we warme zeestromen en veel neerslag.