Natuurkunde

2. Weerstand en schakelingen

Gegeven door:
Felix Kuyken
Beschrijving Begrippen Examenvragen

In deze video gaan we uitgebreid in op de verschillende schakelingen. We bespreken eerst de verschillen tussen serieschakelingen en parallelschakelingen. Hierbij komen alle belangrijke formules aan bod. Daarna gaan we kijken naar weerstand. Hierbij bespreken we ook verschillende soorten weerstanden en het begrip soortelijke weerstand.

Serieschakeling

Type schakeling waarin alle componenten in serie zijn geschakeld. Dit betekent dat er geen vertakkingen in de schakeling zijn.

Parallelschakeling

Een schakeling waarin de componenten parallel zijn geschakeld. Dit betekent dat de stroomkring zich vertakt.

PTC weerstand

Positieve temperatuur coëfficient. De weerstand neemt toe als de temperatuur toeneemt.

NTC weerstand

Negatieve temperatuur coëfficient. De weerstand neemt af als de temperatuur toeneemt.

Soortelijke weerstand

Eigenschap van een materiaal dat aangeeft hoe goed het elektrische stroom kan weerstaan.

Karin heeft op zolder een kerstboomverlichting gevonden die bestaat uit 24 lampjes die in serie zijn geschakeld. De verlichting moet worden aangesloten op een stopcontact van 230 V. De stroomsterkte door de lampjes is 120 mA. Het is vervelend als er één lampje stuk gaat, want dan zijn er twee problemen:

- alle lampjes gaan uit en

- je weet niet welk lampje stuk is. Karin wil daar een oplossing voor bedenken. 


Als het lampje normaal brandt, is de weerstand 80 Ω.

  1. Toon dit aan met behulp van een berekening.


Karin komt op het idee om parallel aan elk lampje een weerstand te schakelen, zodat de schakeling van figuur 2 ontstaat. Volgens haar kunnen beide problemen met deze schakeling worden opgelost omdat de stroomkring niet verbroken wordt als één lampje stuk gaat. Karin moet een keuze maken voor de grootte van de parallel geschakelde weerstanden. Zij kan kiezen tussen weerstanden van 2,0 Ω of weerstanden van 2,0 kΩ.

2. Leg uit dat in beide gevallen alle lampjes op de normale sterkte branden. 

E1: Gebruik van elektriciteit