Biologie

5. Selectie & soortvorming

Gegeven door:
Magali de Rooy
Beschrijving Begrippen

In deze video met uitleg voor biologie gaan we het hebben over selectie en soortvorming. We zullen dit doen aan de hand van Darwins evolutietheorie, adaptatie, soortvorming en een visuele weergave van de evolutie. Begrippen die aan bod komen zijn allopathische soortvorming, sympathische soortvorming, de eilandtheorie en homologe, analoge en rudimentaire structuren.

Adaptatie

Erfelijke veranderingen in structuren, eigenschappen of gedrag van individuen binnen een populatie. Dit geeft deze organismen een evolutionair voordeel

Allopatrische soortvorming

Een soortvorming die plaatsvindt wanneer een deel van de populatie door een geografische barrière geïsoleerd wordt van de ouderlijke groep. ZIj worden dan blootgesteld aan andere omgevingsfactoren, waardoor ze op den duur kunnen ontwikkelen tot aparte soorten

Analoog

De ontwikkeling van gelijkende functies bij verschillende soorten die evolutionair gezien afzonderlijk tot stand gekomen zijn

Eilandtheorie

Stelt (in het kort) dat hoe groter de afstand is van een eiland tot het vaste land, hoe minder verschillende soorten er op het eiland voorkomen

Evolutie

De geleidelijke verandering in populaties door overerving van kenmerken en eigenschappen en door natuurlijke selectie

Evolutietheorie

Een natuurwetenschappelijke verklaring voor de evolutie van leven en de verscheidenheid aan soorten op Aarde

Homologie

We spreken van homologie wanneer een organisme een gemeenschappelijke voorouder heeft

Rudimentaire structuren

Anatomische structuren van een organisme van een soort waarvan wordt aangenomen dat ze de meeste van hun oorspronkelijke functies hebben verloren tijdens/door de evolutie

Selectie

De vermindering in succes van voortplanting binnen een populatie

Soortvorming

Het ontstaan van nieuwe soorten uit populaties van bestaande soorten

E1: Selectie

E2: Soortvorming